|
Sinds de fusie van de gemeenten in 1977 werd het politielandschap ingrijpend gewijzigd. De gemeentepolitie Beersel zag het levenslicht op 1 mei 1979. De vier veldwachters en één politieagent van de vroegere deelgemeenten – velen van ons herinneren zich nog levendig de ‘sjampetters’ Edgard Vellemans (Dworp), Robert Marcelis (Beersel), Raymond Samyn (Huizingen), Robert Depauw (Lot), Karel Houben en Marcel Hannaert (Alsemberg) - kwamen onder leiding te staan van de pas benoemde commissaris van politie Norbert Nowé.
In verschillende stappen werd het kleine korps uitgebouwd tot een volwaardig politiekorps van 28 politieambtenaren en 6 administratieve krachten, dat na omzwervingen via Lot en Dworp in de maand mei 1994 zijn intrek nam in het huidige commissariaat in het Domein Rondenbos. Om nog beter te kunnen reageren op incidenten en oproepen werd in 1991 een intergemeentelijk samenwerkingsakkoord met Halle en Sint-Pieters-Leeuw afgesloten.
De geschiedenis van de rijkswachtbrigade Lot was minder spectaculair en ondanks een aantal ingrijpende wijzigingen in de organisatiestructuur van de rijkswacht (demilitarisatie, afschaffing van het rijkswachtdistrict Halle,…) had dit weinig invloed op de organisatie van de lokale brigade.
In 1996 wijzigde het uitzicht van het politielandschap grondig. De gemeentelijke politiekorpsen en de rijkswachtbrigades werden verplicht om nauwer samen te werken in interpolitiezones, die uit één of meerdere gemeenten bestonden. Mede onder impuls van Burgemeester Hugo Casaer werkten commissaris Norbert Nowé en adjudant Michel Wauters een akkoord uit waardoor Beersel een ééngemeentelijke interpolitiezone werd. Dit akkoord bevestigde de goede verstandhouding die er reeds bestond tussen de beide korpsen en de gemaakte afspraken kwamen enkel de bevolking ten goede. De reeds genoemde intergemeentelijke samenwerking werd behouden, maar kwam stilaan toch op een dood spoor terecht.
Belangrijk in die periode voor onze gemeente was het Babbel-project van de politie. Met dit initiatief zette het lokale korps een grote stap in haar streven om politie en bevolking dichter bij elkaar te brengen. ‘Babbel’ hield onder meer een enquête in (april 1997 – 2000 inwoners ondervraagd) over de basispolitiezorg, waarbij onder andere gepeild werd naar de perceptie bij de burger van de toenmalige politie en rijkswacht – een belangrijke halte op de lange weg naar samenwerking die nog afgelegd zou worden.
Op 1 december 1997 nam commissaris Nowé afscheid van de politie om van een welverdiend pensioen te genieten. Doordat de procedure voor de aanwerving van een nieuwe korpsoverste niet van een leien dakje liep, werd de leiding van de gemeentepolitie Beersel tijdelijk toevertrouwd aan adjunct-commissaris Robert Vanden Bremt.
Op 15 mei 1999 legde Jozef Koeks de eed af als nieuwe korpschef van de gemeentepolitie Beersel. Op dat ogenblik was de aanzet voor de geïntegreerde politie gestructureerd op twee niveaus reeds gegeven. De banden tussen de gemeentepolitie en de rijkswachtbrigade werden verder aangehaald en een directiecomité bestaande uit de verantwoordelijken van de gemeentepolitie en de rijkswachtbrigade startte met de voorbereidingen van de lokale politiehervormingen. Voor deze taak kreeg het directiecomité de gewaardeerde steun van commissaris Pol Schoukens van het toenmalige rijkswachtdistrict Asse.
Op 1 oktober 2001 ging de eigenlijke geïntegreerde werking van start en kwamen zowel de gemeentepolitie als de rijkswachtbrigade onder de operationele leiding van commissaris Jozef Koeks. Vanaf die datum werden beide diensten ondergebracht in het commissariaat te Alsemberg en sloot de rijkswachtbrigade te Lot definitief haar deuren.
Na een lange en zware selectieprocedure legde commissaris Jozef Koeks op 30 november 2001 in handen van Burgemeester Hugo Casaer de eed af als eerste korpschef van de lokale politie Beersel en startte zijn mandaat voor een (toen) eenmaal verlengbare termijn van vijf jaar. Na het uithalen van de nodige heksentoeren en na een intensieve samenwerking tussen de gemeentelijke overheid, de gemeentelijke diensten en de politie, was Beersel op 1 januari 2002 één van de negenentwintig (op 196) zones die tijdig klaar waren met alle werkzaamheden om tegen de vooropgestelde datum erkend te kunnen worden als lokale politie. Op die datum hielden de gemeentepolitie Beersel en de lokale brigade van de federale politie (de overgangsnaam van de voormalige rijkswachtbrigade Lot) definitief op te bestaan. In het gemeentehuis beleefden wij op 11 januari 2002 een mooi moment met de voorstelling van het charter van de lokale politie Beersel, waarin zwart op wit zowel de missie als de waarden van ons politiekorps duidelijk te lezen staan.
Op 08 juli 2002 werd de intergemeentelijke samenwerking uit 1991 nieuw leven ingeblazen door het ondertekenen van een charter van het InterZonaal Samenwerkingsakkoord (IZS) tussen de politiezones Halle, Sint-Pieters-Leeuw en Beersel door Mr Hugo Casaer (Burgemeester van Beersel), Mr Dirk Pieters (Burgemeester van Halle), Mevr Lieve Vanlinthout (Burgemeester van Sint-Pieters-Leeuw), Mr Jozef Koeks (Korpschef Beersel), Mr Johan Vanwezer (korpschef Halle) en Mr Mark Crispel (korpschef Sint-Pieters-Leeuw. De drie betrokken politiezones waren echte pioniers op vlak van de interzonale samenwerking en als blijk van waardering voor deze inspanningen werd het charter medeondertekend door toenmalig Minister van Binnenlandse Zaken Antoine Duquesne.
Ingevolge een KB van 24 oktober 2002 werd de korpschef van de lokale politie aangesteld tot hoofdcommissaris. Sinds die datum spreken we dus niet meer van commissaris, maar van hoofdcommissaris Jozef Koeks, een titel die onze korpschef siert.
Door een KB van 22 mei 2005 werd de korpschef benoemd tot hoofdcommissaris van politie met ingang van 30 november 2004. Deze benoeming kwam er na een gunstige evaluatie door een commissie voorgezeten door Mr Hugo Casaer (burgemeester van Beersel) was samengesteld uit vertegenwoordigers van de Procureur des Konings, de Provinciegouverneur en de Algemene Inspectie van de federale en lokale politie.
Na een nieuwe evaluatie door een commissie kreeg hoofdcommissaris Jozef Koeks een gunstig advies voor de verlenging van zijn mandaat. Dit resulteerde in een KB van 3 december 2006 waarbij de aanwijzing als korpschef verlengd wordt voor een periode van 5 jaar.
In de nacht van 3 op 4 december 2007 werd de donkerste bladzijde uit de geschiedenis van de PZ Beersel geschreven. Tijdens een patrouille merkte de interventieploeg, die bestond uit Inp Peter Vanstalle en Inp Kitty Van Nieuwenhuysen, een verdachte wagen op. Zij werden plots totaal onverwacht onder vuur genomen door een automatisch oorlogswapen. Peter en Kitty hadden geen schijn van kans tegen dit brutaal geweld. De dienstwagen werd doorzeefd en niettegenstaande de deuren ervan gepantserd waren en zowel Peter als Kitty een kogelwerende vest droegen, overleefde Kitty de laffe aanslag niet en werd Peter zwaargewond overgebracht naar het hospitaal. De daders hadden trouwens net voor de aankomst van de interventieploeg ook al een inwoner van Beersel neergeschoten en zwaar gewond achtergelaten.
|